Provincie geeft veehouders met bepaalde stalsystemen extra tijd
Veehouders in Noord-Brabant die werken met bepaalde oudere emissiearme stalsystemen krijgen extra tijd om hun stal aan te passen. Het gaat om systemen die in het verleden in Brabant waren toegestaan en waarvan toen werd verwacht dat ze veel ammoniak zouden verminderen. Omdat nu niet duidelijk is hoeveel ammoniak deze systemen in de praktijk precies reduceren, besluit de provincie Noord-Brabant tot een tijdelijke overgangsregeling. Deze geldt tot 1 januari 2030.

Veehouders moeten vanaf 1 juli 2026 maatregelen hebben genomen om de ammoniakuitstoot van verouderde stalsystemen te verminderen. Voor een beperkt aantal systemen geldt dat ze eerder voldeden aan de regels, maar dat hun werking inmiddels onzeker is. Deze systemen staan daarom nu niet op de zogenoemde ‘menukaart’ met toegestane maatregelen die de provincie in de Omgevingsverordening heeft opgenomen.
De overgangsregeling geldt voor een afgebakende groep bestaande stalsystemen, zoals biologische combi-luchtwassers bij onder andere varkens, volièrehuisvesting bij legkippen en warmtewisselaars bij vleeskuikens. Deze systemen mogen in bestaande situaties tijdelijk in werking blijven, ook als ze ouder zijn dan 15 jaar. Voor nieuwe situaties blijven ze niet toegestaan.
Geen onnodige investeringen
De provincie wil de stikstofuitstoot verlagen om natuurgebieden te beschermen. Tegelijk wil zij voorkomen dat veehouders nu moeten investeren in nieuwe systemen, terwijl later kan blijken dat hun bestaande systeem voldoende werkt. Daarom kiest de provincie voor een overgangsperiode. In deze periode kan worden onderzocht hoeveel ammoniak deze systemen in de praktijk echt verminderen.
Gedeputeerde Wilma Dirken (Stikstof): “We blijven ons inzetten voor het terugdringen van stikstof om de natuur te beschermen. Maar we vinden het ook belangrijk dat regels uitvoerbaar zijn. We hebben hierover ook overleg gevoerd met ZLTO en BAJK. Met deze overgangsregeling voorkomen we mogelijk onnodige investeringen, terwijl we tegelijk de sector de tijd geven om zorgvuldig te onderzoeken wat deze systemen daadwerkelijk doen.”
Veehouders met deze specifieke bestaande stalsystemen hoeven hun stal tot 1 januari 2030 niet aan te passen. De systemen mogen worden gebruikt om gemiddeld op bedrijfsniveau aan de normen te voldoen, als duidelijk is hoeveel ammoniak ze werkelijk reduceren.
Vervolg
De provincie biedt de sector de tijd om tijdens de overgangsperiode de werking van de stalsystemen te onderzoeken. Op basis daarvan wordt besloten of de systemen in de toekomst alsnog op de menukaart kunnen komen. Als dat niet zo is, moeten veehouders hun stal na 1 januari 2030 alsnog aanpassen.
Blijf op de hoogte
Schrijf je in voor Brabant Nieuwsbrief en ontvang elke week nieuws en informatie van de provincie.